Nachtlicht
|
Een vervolg op de eerder verschenen roman “Laatste Licht”. Alle stroom is uitgevallen en wat is een wereld zonder stroom en energie. Onder deze omstandigheden is zelf de technologie geheel overgeleverd aan deze situatie...
Extremen voorvallen zijn het onderwerp in deze serie. Het doel hiervan is om aan te geven dat God mensen in Zijn dienst wil gebruiken en wil beproeven. Hij doet dat op een bepaalde plaats door Hem bepaald, in een bepaalde tijd onder bepaalde omstandigheden. Het platleggen van de wereld door een stroomstoring is het onderwerp van dit tweede deel. De situatie duurt maanden en een ieder is er zich van bewust dat er wat moet gebeuren wil men in het leven blijven. De familie Branning probeert het in samenwerking met andere bewoners.
Ze proberen er samen weer een veilige en goed functionerende leefgemeenschap van te maken. In de wereld van deze roman heerst echter het recht van de sterkste en is voedsel een kostbaar begrip. Toch wordt men er ook op gewezen om in alle dingen het goede voor elkander te zoeken en niet het kwade. Immers God heeft met alles Zijn wijze bedoeling en is het wellicht Zijn wil om de mens afhankelijk van Hem te maken, zodat die weer naar Hem gaat vragen. Dat het recht van de sterkste geldt en er ook niemand meer te vertrouwen is blijkt wel uit het feit dat ook de voorraadkast van de familie Branning wordt geplunderd. De dieven hebben echter buiten Jeff Branning gerekend die de dieven achtervolgt. Hierdoor komt hij achter de verblijfplaats van een aantal kinderen die zich zonder hun ouders proberen in het leven te houden. De Familie Branning neemt nu het heft in hanen en besluit deze kinderen te helpen en, hoewel moeilijk in deze tijd, proberen het vertrouwen van deze kinderen te winnen. Als zij echter op zoek gaan naar de ouders van de kinderen stuiten ze op een spoor van wanhoop.
De auteur heeft zelf de stroomstoring in Mississippi meegemaakt die veroorzaakt werd door de orkaan Katrina. Zij kwam hierdoor in een situatie terecht die ook de hoofdpersonen in dit boek meemaakten. |
|