|
Recensies
Vreemde snoeshanen
|
|
In het tweede deel komen de soldaten Nollekes dorp al binnen. Ook hier maakt Nolleke veel mee.
Hij scheldt samen met zijn vriend de soldaten uit, waarbij het maar goed is dat zij hen niet kunnen verstaan. In de wei wordt Nolleke achterna gezeten door een stier. Hij verliest een klomp, krijgt een nat pak, maar het loopt verder gelukkig goed af. Dan komen er drie Duitse soldaten in hun dorp, Ernst, Eden en Otto. Ze plaatsen een legerwagen in de schuur van Sijmen. Dit is echter niet het enige wat de Duitsers er mee voor hebben. Op een avond ontdekt Sijmen dat ze spioneren.... Om te weten te komen of Ernst inderdaad de koningin gunstig gezind is, moet Nolleke bij hem in de buurt zien te komen als hij het Oranjespeldje draagt. Het lukt Nolleke, en als Ernst Nolleke ziet, wordt hij woedend... Ernst is een fanatieke Mof!
Het boek eindigt op de laatste avond van het jaar 1940, een bewogen jaar waarin donkere wolken boven ons land hingen. Een jaar wat Nolleke samen met Ome Bertus afsluit met het zingen van Psalm 56:6 “Gij hebt mijn ziel beveiligd voor den dood. Gij richt mijn ziel dat hij zich nimmer stoot. Gij zijt voor mij een Schild in alle nood” Ja, dat mag voor ome Bertus werkelijk hartentaal zijn! En hoe jong Sijmen ook is, hij begrijpt heel goed hoe groot het geluk is van hen voor wie de Heere een Schild in alle nood wil zijn! Deze serie, uiteraard van harte aanbevolen! |
|
|