Een bril voor Bram
|
Bram gaat naar groep 3. Al bij de eerste leeslessen komt de juf erachter dat Bram niet goed kan lezen. Bram moet daardoor dichter bij de juf zitten. Moeder gaat dan met Bram naar de dokter..
De dokter constateert dat het met Brams oog en stuurt Bram door naar de oogarts. Bram moet een bril. Op school is iedereen er weg van. Mark kan dit echter niet hebben en stiekem verstopt Mark de bril in zijn jas. Als de pauze over legt Mark de bril weer op de stoel van Bram. Als Bram gaat zitten, is de bril stuk...
Meerder voorvallen doen zich voor met de bril. Bram valt als ze kattenkwaad aan het uithalen zijn en ook de bril valt. Zijn zusje zit aan de bril en de bril is scheef.
En Bram wordt boos. Die bril ook... Het is steeds wat met die bril. Eerst was hij stuk. Net was hij scheef en nu was hij niet meer zo mooi. Moest ik maar geen bril, zegt hij. Koen heeft er toch ook geen en Mark ook niet...
Maar dan komt alles ten goede. Moeder wees Bram op een man in de stad die met een stok liep. Die man was blind. Die man zag helemaal niets. En Bram die mag nog zien. Wees maar blij Bram, dat je mag zien met je bril. Dank de Heere dat je mag zien en voor wat je hebt! Nu mag de bril af, heel de nacht als hij slaapt. En dan is Bram toch weer blij met zijn bril... |
|